Droombeeld

Ik loop vanaf het treinstation naar huis. Het is koud, het waait en miezert een beetje. Ik duik nog eens diep weg in mijn jas. Het is pas oktober en de winter moet nog beginnen. Ik zie er nu al tegenop. Dit in tegenstelling tot vroeger. Toen vond ik de winter het mooiste jaargetijde. Veel sneeuw en ijs. Als het even kon, was ik de hele dag buiten op straat. Samen met mijn vrienden sneeuwpoppen maken, sleeën, sneeuwballengevechten voeren en natuurlijk schaatsen. Zo hard en lang als je kon, tot je enkels dik waren en de blaren erop stonden. Omdat ik altijd op de schaatsen van mijn oudere broers moest rijden, was er maar één manier om de schaatsen passend te maken; een aantal sokken over elkaar heen. Dit zorgde voor veel schuur-­ en blaarplekken.
Ik realiseer mij dat ik een dagje ouder word. Mijn interesses zijn veranderd. Wat ik vroeger prachtig vond, vind ik nu een stuk minder leuk en andersom. Toch voel ik mij nog zeer vitaal en energiek, maar het is anders.

Verhalen

Ik werp een blik in de huiskamer van een huis waar ik langsloop. Ik zie een groep jongeren van een jaar of zeventien of achttien in een kring zitten. Sommigen drinken een biertje, terwijl anderen hevig met hun armen zwaaien. In het midden staat een oudere man van naar schatting midden zeventig. Hij lijkt een geanimeerd verhaal te vertellen. De zweetdruppels staan op zijn voorhoofd.
Ik zie dit soort tafereeltjes wel vaker bij ons in de buurt. In onze buurt zijn sinds kort veel oudere mensen komen wonen. Om de vijf woningen is er een woning ingericht voor ouderen. Mensen vanaf een jaar of zeventig. Zij hebben hun eerdere woning verkocht en zijn opnieuw gaan huren.

Helga en Werner

Tegenover mij woont ook zo’n ouder stel, Helga en Werner. Hij is vijfenzeventig en zij achtenzestig.
‘Ik hou nog wel van een groen blaadje’, zegt hij vaak met een trots in zijn ogen waar een jongeman van begin twintig jaloers op zou zijn.
Helga en Werner genieten met volle teugen van het leven. Ze zijn vitaal, maken mooie reizen en houden van elkaar. Hun drie kinderen en zes klein ­ kinderen komen met grote regelmaat langs.
‘We passen graag op’, zegt Helga dan, ‘maar niet te vaak. We hebben immers ook nog een eigen leven’.
Sinds dit soort oudere stellen in de buurt zijn komen wonen, is de buurt veranderd. De straten zijn niet alleen schoner, maar ook de sociale controle groter is geworden. Het lijkt alsof mensen aardiger zijn voor elkaar. Of ze elkaar vaker helpen. Alsof ze zonder schroom een beroep op elkaar doen. Alsof ze makkelijker binnen komen lopen. De buurt is veiliger en leefbaarder geworden.

Thema-avonden

De buurtcoach, die in dienst is van de woningbouwvereniging, organiseert al ruim een jaar thema-­avonden. Avonden waarin rond een bepaald thema jong en oud bij elkaar komen. Gewoon, bij elkaar in huis. De woningbouwvereniging vergoedt hierbij de kosten voor een hapje en een drankje, terwijl de buurtcoach de mensen bij elkaar brengt.
In het begin was dat lastig. Voor veel mensen was het vreemd en moeilijk om bij je buren op visite te gaan, om daar over een thema te praten. De buurtcoach heeft het echter slim aangepakt. Eerst werden er veilige thema’s besproken, zoals vuil op straat of geluidsoverlast. Tot die ene mooie voorjaarsavond in mei.

Anneke

De buurtcoach was bezig met de organisatie van weer een thema-avond. Anneke, een meisje van een paar straten verderop, kwam met hem in contact. Zij was bezig met haar afstudeeropdracht en zou in juni haar hbo-­diploma behalen. Waarom ze een studie geschiedenis had gevolgd, wist ze niet precies. Haar droom was om een eigen bedrijf te starten. Een bedrijf in de kledingindustrie. Ontwerpen en verkopen. Nationaal en internationaal.
Zij vroeg de buurtcoach of zij haar thema op een avond in zou mogen brengen. Gewoon wat gedachten uitspreken en ideeën met elkaar delen. Ook ik was die avond van de partij. Vol vuur en passie vertelde zij over het ontwerpen van kleding.
Mannen-­ en vrouwenkleding, maar vooral kinderkleding. Ze had mooie schetsen bij zich en ging helemaal op in haar verhaal. Iedereen was geïnteresseerd en luisterde aandachtig. Als iemand een ontwerpbedrijf in de kledingindustrie zou kunnen opzetten, was zij het wel. Toch durfde ze het niet. Haar bezwaren waren te groot. Ze maakte zich zorgen over de risico’s. Wat nou als ik geen klanten krijg? Hoe kom ik aan het startkapitaal? Hoe doe ik de boekhouding? Ik heb geen verstand van webwinkels. Ik ken trouwens niemand in de kledingindustrie. Mijn studierichting is geschiedenis.

Henk

Het verhaal maakte bij alle aanwezigen veel los. Naast bewonderende blikken, kwamen er ook veel vragen op haar af. Er ontstond een gesprek over de kledingindustrie, over ondernemerschap, over werkloosheid, over financiering en vooral over vertrouwen en eigenwaarde. Het was prachtig om te zien hoe die avond de aanwezigen naar elkaar toe groeiden.
In de kamer zat Henk, een oudere man van vierenzeventig. Hij woonde bij ons in de straat, op de hoek. Hij vertelde dat hij jarenlang in de im-­ en export van kleding had gewerkt. Uiteindelijk had hij zich opgewerkt tot inkoopmanager West-­Europa bij een grote modeketen. Hij had altijd met veel plezier zijn werk gedaan en miste het nog elke dag. Hij wilde Anneke graag helpen.
Hij kende veel mensen, was op de hoogte van de do’s en don’ts en wist waar je op moest letten. Hij ging zelfs nog een stap verder. Zijn twee kinderen hadden allebei een goede baan. Kleinkinderen had hij niet. Hij had altijd goed geld verdiend en nu hij drie jaar terug zijn huis had verkocht, had hij flink wat geld over. Hij was wel bereid om te investeren in het verhaal van Anneke.

Annie’s Fashion

Nadat hij dat had gezegd, nam Werner het woord. Hij had drieëndertig jaar bij een bank gewerkt en wist veel van financiële zaken. Hij wilde niet investeren, maar wel zijn kennis en kunde beschikbaar stellen.
‘Helemaal voor niets. Gratis. Dan investeer ik eigenlijk ook’, lachte hij.
Die avond ontstond onze eerste buurtonderneming; ‘Annie’s Fashion’.
Inmiddels draait ‘Annie’s Fashion’ best aardig. Anneke heeft vier mensen in dienst. Er is een webwinkel met veel bezoekers en de eerste internationale opdrachten zijn getekend. Wat nog veel leuker is, is dat de buurt zo ontzettend meeleeft. Anneke is een voorbeeld voor anderen geworden.
Ook Henk en Werner staan weer midden in de samenleving, zonder dat ze de dagelijkse druk van anderen voelen. Henk heeft zijn contacten van vroeger weer aangehaald. Hij leest veel over moderne technieken en gaat zelfs weleens op reis om, samen met Anneke, gesprekken te voeren.
Werner heeft zijn boekhoudprogramma weer uit de mottenballen gehaald. Nu de business echter internationaal wordt, doet hij liever een beroep op zijn netwerk binnen de bank.
‘Ik heb wel verstand van reizen, maar niet van internationale zaken’, aldus Werner.

Verbinding

Het is mooi om te zien hoe de passie en energie van de nu 22-­jarige Anneke overslaat op Henk en Werner. Het is ook mooi om te zien hoe de rust, kennis en ervaring van beide heren Anneke ‘in toom’ houden en haar senioriteit geven. Met deze senioriteit weet ze haar verantwoordelijkheid voor de buurtonderneming goed in te vullen. En de buurt is trots op haar en natuurlijk op Henk en Werner.
‘Eigenlijk zijn jullie als buurt trots op jezelf’, zei de buurtcoach laatst.
Hij was op werkbezoek bij ‘Annie’s Fashion’ met de directie van de woningbouwvereniging. Zo trots als een pauw vertelde hij over het succes van de onderneming.
Anneke haalt het wel, dat komt wel goed. Dat geldt ook voor Henk en Werner. Zij blijven er vitaal en energiek bij. ‘Gelukkig wel’, lacht Werner dan altijd. ‘Ik heb ook nog een groen blaadje thuiszitten’.
Ik loop verder door onze straat. Het is gestopt met miezeren, het regent nu. De gedachte aan Anneke, Henk en Werner vrolijkt mij op. Ik versnel mijn pas en kan niet wachten tot ik thuis ben. Ik kan eigenlijk niet wachten tot ik oud ben. Dan begin ik met een nieuw leven.